Gepubliceerd: 07/02/2010 Delen: Categorie: Adviezen

Kennis en geloof

Alle lof zij Allah, en gebeden en vrede zij met de Boodschapper van Allah en zijn familie, metgezellen en degenen die hem bijstonden.

Er is mij gevraagd door de broeders van Ede om zo nu en dan een kort advies uit te brengen richting mijzelf in eerste instantie en vervolgens richting mijn broeders en zusters in de hoop dat wij er baat bij ondervinden. Het is de bedoeling dat ik om de week met de toestemming van Allah kort zal spreken over zaken van het geloof die ons allen aangaan.
Zaken die bijdragen aan het vergroten van onze kennis en het verstevigen van ons geloof. Want kennis en geloof zijn namelijk de grootste gunsten die Allah een persoon kan schenken. Daarmee streeft een persoon naar de hoogste rangen bij zijn Heer. Kennis en geloof bieden de persoon rust en gelukzaligheid aangaande zaken van het wereldse leven als het hiernamaals.
Daarom brengt Allah deze beide zaken steeds in verband met elkaar in de Koran. Zo zegt Hij bijvoorbeeld:وَقَالَ الَّذِينَ أُوتُوا الْعِلْمَ وَالْإِيمَانَ لَقَدْ لَبِثْتُمْ فِي كِتَابِ اللَّهِ إِلَى يَوْمِ الْبَعْثِ فَهَذَا يَوْمُ الْبَعْثِ وَلَكِنَّكُمْ كُنتُمْ لَا تَعْلَمُونَ“Maar zij wie kennis en geloof is gegeven, zeiden: ‘Volgens het Boek van Allah zijn jullie inderdaad tot de Dag der Opstanding gebleven. En dit is de Dag der Opstanding, maar jullie wisten het niet.’” (Ar-Roem, 56)
يَرْفَعِ اللَّهُ الَّذِينَ آمَنُوا مِنكُمْ وَالَّذِينَ أُوتُوا الْعِلْمَ دَرَجَاتٍ وَاللَّهُ بِمَا تَعْمَلُونَ خَبِيرٌ“Allah zal de gelovigen onder u en hen die kennis werd gegeven in rang verheffen.” (Al-Mudjaadalah, 11)
Uit dit vers is op te maken dat een persoon middels zijn geloof en kennis in rang kan stijgen bij zijn Heer. Het zijn dit soort mensen dat zich tot de voorname mensen mag rekenen. Zij zijn het die geliefd zijn boven de rest. Alleen schijnt dat een groot aantal mensen niet bekend is met de ware betekenis van kennis en geloof. Iedereen denkt immers dat met het geloof en de kennis die hij bezit, de weg voor hem naar geluk open ligt. Maar in werkelijkheid bedraagt datgene wat zij aan kennis en geloof met zich meedragen nul komma nul aangezien deze kennis en geloof van hun niet de vruchten zijn van datgene waarmee onze Profeet (vrede zij met hem) is gekomen. Niet het voortbrengsel zijn van de Hemelse verkondiging van de Islam en niet in overeenstemming zijn met de werkwijze van de Profeet (vrede zij met hem) en die van zijn rechtgeleide metgezellen.

Dus vandaar mijn roep aan de moslims in het algemeen en de jongeren in het bijzonder om zich te storten op het vergaren van kennis. Geef je op voor lessen die gericht zijn op het opvoeden van de mensen volgens de richtlijnen van de Koran en de Soennah. En door deze kennis vervolgens in de praktijk toe te passen zul je de gemoedelijk sfeer van het paradijs ondervinden. Moge Allah ons doen behoren tot inwoners van het paradijs.

Aboe Ismaïl