Gepubliceerd: 09/02/2010 Delen: Categorie: Geschiedenis

Het einde van cUthmaans leven

Gehinderd door opstandelingen

De mensen die tijdens de khilaafah van cUthmaan jarenlang onrust hebben lopen verspreiden, kwamen uit diverse landen om de jaarlijkse Hadj (bedevaart) te verrichten. Zij raakten met de leider der gelovigen over bepaalde zaken in discussie en zij belegerden zijn huis. Zij weerhielden hem ervan naar buiten te gaan en hij kon zelfs de mensen niet in het gebed leiden. Zij verboden hem zelfs het water uit de bron van Roemah, die hij met zijn eigen geld gefinancierd heeft, te drinken. Het is van hem overgeleverd dat hij zei: “Weten jullie niet dat de Boodschapper van Allah (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) gezegd heeft: “Wie de (bron van) Roemah graaft, voor hem is het paradijs,” en ik heb het gegraven. Weten jullie niet dat hij (de Profeet) gezegd heeft: “Wie het leger van Al-cUsrah uitrust, voor hem is het paradijs,” en ik heb het uitgerust. Hij (de overleveraar) zei: “Zij waren het eens met wat hij zei.” (Sahieh Al-Bukhaarie)

Er zijn verschillende uitspraken over het aantal dagen dat cUthmaan belegerd is in zijn huis. Er wordt gezegd veertig dagen en anderen zeggen negenenveertig dagen, en Allah weet het beste. De jonge mensen zoals al-Hasan en al-Husayn, ibnu cUmar en cAbdullah bin Az-Zubayr haastten zich om cUthmaan te beschermen en onnodige escalatie te voorkomen. Er kwam ook meer steun voor cUthmaan (moge Allah met hem behaagd zijn) toen de periode van de bedevaart voorbij was, maar dit was des te meer een reden voor de opstandelingen om hun missie (het doden van cUthmaan) sneller uit te voeren. Zij deden er alles aan om het huis van cUthmaan binnen te gaan, maar de verdedigers van cUthmaan boden hen voldoende weerstand. Het lukte hen toch uiteindelijk om het huis van cUthmaan (moge Allah met hem behaagd zijn) binnen te dringen. De beproeving waar de Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) over heeft gesproken, treft de leider der gelovigen. Hij wordt de dag van zijn overlijden wakker en vertelt de mensen dat hij de Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) heeft gedroomd en tegen hem zei: “O cUthmaan, eet bij ons.” Hij vastte dan ook op deze dag. (Overgeleverd van Naafic van Ibnu cUmar)

De fatale aanval

Zij vielen hem aan, terwijl hij de Koran aan het reciteren was, en hij werd met een bijl geslagen en door een zwaard meerdere malen gestoken. Zijn vrouw, Naacilah, probeerde hem te beschermen, maar zij leed ook door één van de zwaarden van de opstandelingen. Eén van de opstandelingen maakte meteen een einde aan het leven van cUthmaan en zijn bloed kwam op de volgende woorden van Allah terecht:فَسَيَكْفِيكَهُمُ اللّهُ وَهُوَ السَّمِيعُ الْعَلِيمُ“Allah zal jou dan beschermen tegen hen. En hij is de Alhorende, de Alwetende.” (Al Baqarah, 137)

Toen cUthmaan ibnu cAffaan (moge Allah tevreden met hem zijn) werd neergestoken, zei hij: “Niets of niemand heeft het recht aanbeden te worden, behalve U. Verheven zij U. Waarlijk, ik behoorde tot de onrechtplegers. O Allah, waarlijk, ik zoek toevlucht tot U en ik vraag U om hulp in al mijn zaken en ik vraag U mij geduld te schenken om deze beproeving te doorstaan.”
Nadat hij stierf, doorzochten de mensen zijn kluis en troffen daarin een gesloten kist aan. Zij maakten deze open en vonden daarin een brief waarin het volgende stond geschreven:
“Dit is het testament van cUthmaan.
In de Naam van Allah, de Meest barmhartige, de Meest Genadevolle.
cUthmaan ibnu cAffaan getuigt dat niets of niemand het recht heeft aanbeden te worden behalve Allah zonder enige deelgenoten. En hij getuigt dat Mohammed Zijn dienaar en Boodschapper is. En hij getuigt dat het Paradijs waarheid is en dat Allah degenen die zich in de graven bevinden, zal opwekken op een Dag waaraan geen twijfel is. Waarlijk, Allah verbreekt zijn belofte niet. Dit is de overtuiging waarnaar hij (cUthmaan ibnu cAffaan) heeft geleefd en waarop hij is gestorven en waarop hij opgewekt zal worden, met de Wil van Allah.”

Er was een einde gekomen aan het leven van cUthmaan. Hij gaf zich over aan de wil van Allah en hoopte op de ontmoeting met Allah en Zijn Boodschapper. cUthmaan (moge Allah met hem behaagd zijn) heeft zijn beproeving achter de rug en heeft het martelaarschap behaald. Er staat hem een ontmoeting met de Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) en zijn metgezellen te wachten. Wij zullen zolang wij ademen cUthmaan (moge Allah met hem behaagd zijn) niet vergeten en wij zullen zijn nobele daden blijven verkondigen.

Aboe Tariq