Gepubliceerd: 09/02/2010 Delen: Categorie: Geschiedenis

Kennismaking met cUthmaan ibn cAffaan

Wie is cUthmaan ibn cAffaan?

Hij is cUthmaan ibn Abie Al-cAas bin Umayyah bin cAbd Shams bin cAbd Manaaf bin Qusay bin Kilaab bin Murrah bin Kacb bin Luayy bin Ghaalib.

Zijn geboorte

Hij is zes jaar na het jaar van de Olifant geboren.

Zijn bekering tot de Islam

cUthmaan ibn cAffaan behoorde in al-djaahiliyyah (het pré-islamitische tijdperk) tot de beste mensen van zijn volk en was zeer geliefd bij hen. Hij maakte zich niet schuldig aan het aanbidden van afgoden en nam afstand van iedere vorm van verdorvenheid. cUthmaan ibn cAffaan behoort tot degenen die zich in de beginperiode van de Islam bekeerden tot dit geloof. Hij had vernomen dat cUtbah (de zoon van Aboe Lahab) trouwde met Ruqayyah (dochter van de Profeet), waardoor hij spijt kreeg dat hij hem (cUtbah) niet voor was geweest. Hij kwam binnen bij zijn familie en bevond zich in een beroerde situatie. Zijn tante (Sucdaa bint Kuraiz) die bij hem was, stelde hem gerust en vertelde hem dat er een Profeet is verschenen die het aanbidden van afgoden verwerpt en oproept naar het aanbidden van één God. Zij wekte zijn belangstelling met haar woorden en hij verliet het huis terwijl hij bleef nadenken over hetgeen zij hem had verteld. Vervolgens kwam hij Aboe Bakr (moge Allah behaagd met hem zijn) tegen waarna cUthmaan vertelde wat hij had gehoord. Aboe Bakr (moge Allah behaagd met hem zijn) bevestigde hetgeen cUthmaan vertelde en prees cUthmaan (moge Allah behaagd met hem zijn) om zijn nobele karaktereigenschappen. Het licht van de Islam vestigde zich in het hart van cUthmaan (moge Allah behaagd met hem zijn) en hij ging tezamen met Aboe Bakr (moge Allah behaagd met hem zijn) naar de Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) waarop hij de getuigenis aflegde en de Islam omarmde.

Bij het horen van de bekering van cUthmaan nam de woede van Aboe Lahab op de Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) toe en hij beval zijn zoon (cUtbah) om van zijn vrouw (Ruqayyah, dochter van de Profeet) te scheiden. Toen cUthmaan (moge Allah behaagd met hem zijn) vervolgens dit bericht hoorde, was hij vervuld met blijdschap en haastte hij zich naar de Boodschapper van Allah (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) om de hand van zijn dochter Ruqayyah te vragen. De Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) stemde in en huwde zijn dochter met cUthmaan (moge Allah met hem behaagd zijn).

Roepnamen van cUthmaan

cUthmaan (moge Allah behaagd met hem zijn) had diverse roepnamen. Hij staat bekend als Aboe cAbdillaah en Aboe cAmr. Er wordt gezegd dat hij een zoon had die hij de naam cAbdullah gaf. Deze zoon stierf vervolgens waarna hij een andere zoon kreeg die hij de naam cAmr gaf.
De naam waarmee hij toch bij iedereen bekend staat is dhoe Noerayn (bezitter van twee lichten). De reden van deze benaming voor cUthmaan is het feit dat hij als enige persoon met twee dochters van een profeet getrouwd is geweest. Er zijn ook andere redenen door geleerden aangehaald die wellicht een aanleiding kunnen zijn voor deze bijnaam van cUthmaan, echter is reeds genoemde het meest voor de hand liggend. Er is ook aan Abie Safrah gevraagd: “Waarom is cUthmaan de bijnaam dhoe Noerayn gegeven?” Hij zei: “Omdat er niemand is die met twee dochters van een profeet getrouwd is geweest behalve hij.”

Zijn karaktereigenschappen

Wanneer wij de biografie van deze grote metgezel gaan doornemen, komen wij vele karaktereigenschappen tegen die wij tegenwoordig hard kunnen gebruiken. Wij zullen met name de volgende woorden tegenkomen: schaamte, nederigheid, bescheidenheid, edelmoedigheid, vrees en voortreffelijkheid.

De engelen schamen zich voor hem

cUthmaan (moge Allah met hem behaagd zijn) was een zeer vrome metgezel en een man met een hoogstaand karakter. Er is overgeleverd van de moeder der gelovigen cAa’ishah (moge Allah met haar behaagd zijn) dat ze gezegd heeft: “De Boodschapper van Allah (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) lag in mijn huis terwijl zijn dijen of scheenbenen ontbloot waren, waarop Aboe Bakr om toestemming vroeg en hij (de Profeet) gaf hem toestemming (om binnen te komen) en hij (de Profeet) verkeerde in dezelfde toestand. Zij spraken en vervolgens vroeg cUmar om toestemming en hij gaf hem toestemming en hij (verkeerde) in hetzelfde en zij spraken. Vervolgens vroeg cUthmaan om toestemming waarna de Boodschapper van Allah ging zitten en zijn kleding recht maakte en hij (cUthmaan) kwam binnen en zij spraken. Toen hij wegging zei cAa’ishah: ‘Aboe Bakr kwam binnen en je verwelkomde hem op een gewone manier1 en je veranderde niets aan je situatie. Vervolgens kwam cUmar binnen en je verwelkomde hem op een gewone manier en je veranderde niets aan je situatie. Vervolgens kwam cUthmaan binnen en ging je zitten en trok je jouw kleren recht!’ Hij (de Profeet, Allah’s gebeden en vrede zij met hem) zei: ‘Moet ik mij niet schamen voor een man waar de engelen zich voor schamen?’” (Sahieh, Muslim)

Zijn aanwezigheid op de slagvelden

cUthmaan (moge Allah met hem behaagd zijn) heeft alle slagvelden met de Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) meegemaakt op één na: de slag van Badr. De reden voor de afwezigheid van cUthmaan (moge Allah met hem behaagd zijn) is dat de Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) hem bevolen heeft bij zijn zieke vrouw (Ruqayyah) te blijven. cUthmaan (moge Allah met hem behaagd zijn) volgde dit bevel op en bleef bij zijn zieke vrouw. Toen de Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) terugkeerde van het slagveld wist hij dat de dood zijn dochter Ruqayyah getroffen had en treurde hij om de dood van zijn dochter. De Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) huwde toen zijn andere dochter (Um Kalthoem) aan cUthmaan (moge Allah met hem behaagd zijn) en hij zei: “Als ik een derde (dochter) zou hebben dan zou ik haar huwen met cUthmaan.” (Sifatu-ssafwah)
De geleerden zeiden: “Het is van niemand bekend dat deze met twee dochters van een profeet getrouwd is geweest behalve van hem (cUthmaan) en daarom heeft hij de bijnaam dhoe Noerayn (bezitter van twee lichten). Hij is ook één van de tien die verheugd is met het paradijs en één van de metgezellen die de Koran verzameld hebben.”

De blijde tijding van het paradijs

cUthmaan (moge Allah met hem behaagd zijn) is door de Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) – die niet uit eigen begeerte spreekt – in diverse overleveringen verheugd met het paradijs; Aboe Moesaa overlevert dat de Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) een tuin binnenging en hij beval mij om de wacht te houden bij de deur van de tuin. Toen kwam er een man en vroeg toestemming (om binnen te komen), waarop hij (de Profeet) zei: “Geef hem toestemming (om binnen te komen) en verheug hem met het paradijs.” Het bleek Aboe Bakr te zijn. Toen kwam er een ander en vroeg toestemming (om binnen te komen), waarop hij (de Profeet) zei: “Laat hem binnenkomen en verheug hem met het paradijs.” Het bleek cUmar te zijn. Toen kwam er een ander aan en vroeg toestemming om binnen te komen, waarop hij (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) even stil was en zei: “Laat hem binnenkomen en verheug hem met het paradijs nadat hij getroffen zal worden door een beproeving.” Het bleek cUthmaan ibn cAffaan te zijn. (Sahieh; Al-Bukhaarie, Muslim en At-Tirmidhie)
En de Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) heeft gezegd toen de berg Uhud begon te bewegen: “Wees standvastig Uhud, want niemand anders dan een Profeet, een waarheidsgetrouwe en twee martelaren staan op jou.” (Al-Bukhaarie en aboe Daawoed)

cUthmaan is een ware voorbeeld voor ons allen. In plaats dat men zijn tijd verspilt in het lezen van biografieën van mensen die ver verwijderd zijn van Allah en Zijn Boodschapper kan men zich beter bezig houden met het doornemen van de biografieën van dit soort mannen die de openbaring hebben meegemaakt en zijn uitgekozen door Allah om de beste der mensen – Mohammed (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) – te vergezellen. Zij zijn degenen die welgeslaagd zijn. Allah (de Verhevene) prijst hen onder andere in het volgende vers:لَـكِنِ الرَّسُولُ وَالَّذِينَ آمَنُواْ مَعَهُ جَاهَدُواْ بِأَمْوَالِهِمْ وَأَنفُسِهِمْ وَأُوْلَـئِكَ لَهُمُ الْخَيْرَاتُ وَأُوْلَـئِكَ هُم الْمُفْلِحُون أَعَدَّ اللّهُ لَهُمْ جَنَّاتٍ تَجْرِي مِن تَحْتِهَا الأَنْهَارُ خَالِدِينَ فِيهَا ذَلِكَ الْفَوْزُ الْعَظِيمُ“Maar de Boodschapper en degenen die met hem geloven, zij strijden met hun bezittingen en hun levens. En zij zijn degenen voor wie er goede dingen zijn, en zij zijn degenen die de welslagenden zijn. Allah heeft voor hen een Tuin (het paradijs) bereid waar onder door de rivieren stromen, zij zijn daarin eeuwig levenden. Dat is de geweldige overwinning.” (Attawbah, 88-89)

Toen cUthmaan (moge Allah met hem behaagd zjn) naar Makkah ging, voorafgaand aan de eed van ar-Ridwaan, stak de Boodschapper van Allah (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) zijn rechterhand uit terwijl hij zei: “Dit is cUthmaan’s hand.” Hij streek zijn (andere) hand ermee terwijl hij zei: “Deze (eed van trouw) is namens cUthmaan.” (Sahieh, Al-Bukhaarie)

cUthmaan (moge Allah met hem behaagd zijn) heeft middels zijn geweldige daden een geweldige positie bereikt. Is er iets beters dan het feit dat Allah en Zijn Boodschapper behaagd over iemand zijn? Allah en Zijn Boodschapper zijn zeker behaagd met deze man die zijn bezit heeft opgeofferd ten behoeve van deze godsdienst.

Aboe Tariq

  1. In de overlevering staat: tahtash. Imaam An-Nawwawie zegt hierover: “Het tonen van een verblijde gezicht en het verwelkomen op een perfecte manier.”