Gepubliceerd: 10/02/2010 Delen: Categorie: Overleveringen

De woorden van de Profeet gelden als bewijs

Alle lof zij Allah.

Een hadieth (overlevering) is datgene wat overgeleverd is van de Boodschapper van Allah (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) aan uitspraak, handeling, bevestiging of eigenschap.
Een hadieth kan ofwel bevestigen wat vermeld wordt in de Koran, zoals het bevel tot (het verrichten van) het gebed en (het geven van) aalmoes en dergelijke of het kan gedetailleerd ingaan op de zaken die in zijn algemeenheid in de Koran worden genoemd, zoals het aantal gebedseenheden, en de limieten voor (de betaling van) de aalmoes, en de wijze van (het verrichten van) de bedevaart en dergelijke. Het kan ook een oordeel verduidelijken waar de Koran niet over gesproken heeft, zoals het verbod om op hetzelfde moment gehuwd te zijn met een vrouw en haar tante (van vader- of moederskant).

Allah heeft de Koran geopenbaard aan Zijn Boodschapper Mohammed (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) en beval hem om het uit te leggen aan de mensen, zoals Hij zegt: وَأَنزَلْنَا إِلَيْكَ الذِّكْرَ لِتُبَيِّنَ لِلنَّاسِ مَا نُزِّلَ إِلَيْهِمْ وَلَعَلَّهُمْ يَتَفَكَّرُونَ “En Wij deden aan jou de Vermaning (de Koran) neerdalen om aan de mensen duidelijk te maken wat aan hen neergezonden is en opdat zij zullen nadenken.” (Annahl, 44)
De overleveringen van de Boodschapper van Allah (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) zijn een openbaring van Zijn Heer. De Verhevene zegt: مَا ضَلَّ صَاحِبُكُمْ وَمَا غَوَى وَمَا يَنطِقُ عَنِ الْهَوَى إِنْ هُوَ إِلَّا وَحْيٌ يُوحَى “Jullie metgezel (de Profeet) dwaalt niet en hij is niet misleid. En hij spreekt niet uit begeerte. Het is niets anders dan een openbaring die aan hem geopenbaard is.” (Annadjm, 2 t/m 4)

Allah heeft Zijn Boodschapper Mohammed (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) gestuurd om de mensen uit te nodigen naar het alleen aanbidden van Allah en alles daarbuiten te verwerpen. (En Hij stuurde hem om de mensen te) Verblijden met het Paradijs en te waarschuwen voor het Hellevuur. يَا أَيُّهَا النَّبِيُّ إِنَّا أَرْسَلْنَاكَ شَاهِداً وَمُبَشِّراً وَنَذِيراً وَدَاعِياً إِلَى اللَّهِ بِإِذْنِهِ وَسِرَاجاً مُّنِيراً “O Profeet (Mohammed), voorwaar, Wij hebben jou gezonden als een getuige en als een brenger van verheugende tijdingen en als een waarschuwer. En als een oproeper tot Allah, met Zijn toestemming, en als een verlichtende lamp.” (Al-Ahzaab, 45-46)

De Boodschapper (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) is gespitst op deze gemeenschap. Datgene wat hij aan goedheid wist, daar heeft hij de gemeenschap op gewezen en wat hij aan slechtheid wist, daar heeft hij voor gewaarschuwd. لَقَدْ جَاءكُمْ رَسُولٌ مِّنْ أَنفُسِكُمْ عَزِيزٌ عَلَيْهِ مَا عَنِتُّمْ حَرِيصٌ عَلَيْكُم بِالْمُؤْمِنِينَ رَؤُوفٌ رَّحِيمٌ “Voorzeker, er is een Boodschapper tot jullie gekomen uit jullie eigen midden. Zwaar voor hem is jullie lijden, vurig wenst hij het goede voor jullie, voor de gelovigen is hij liefdevol en genadig.” (Attawbah, 128)

Elke profeet werd naar zijn eigen volk gestuurd, maar Allah stuurde Zijn Boodschapper Mohammed (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) als barmhartigheid voor de gehele mensheid. وَمَا أَرْسَلْنَاكَ إِلَّا رَحْمَةً لِّلْعَالَمِينَ “En Wij hebben jou (o Mohammed) slechts gezonden als een barmhartigheid voor de werelden.” (Al-Anbiyaa’, 107)

Aangezien de Boodschapper (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) de openbaring – die aan hem geopenbaard is – van zijn Heer verkondigt, is het verplicht om hem te gehoorzamen. Gehoorzaamheid aan hem is zelfs gehoorzaamheid aan Allah. مَّنْ يُطِعِ الرَّسُولَ فَقَدْ أَطَاعَ اللّهَ “Wie de Boodschapper gehoorzaamt, hij gehoorzaamt waarlijk Allah.” (Annisaa’, 80)
En gehoorzaamheid aan Allah en Zijn Boodschapper is de weg naar verlossing, overwinning en geluk in het wereldse en het Hiernamaals. وَمَن يُطِعْ اللَّهَ وَرَسُولَهُ فَقَدْ فَازَ فَوْزاً عَظِيماً “En wie Allah en Zijn Boodschapper gehoorzaamt: waarlijk, die heeft een geweldige triomf behaald.” (Al-Ahzaab, 71)
Daarom is het verplicht voor alle mensen om Allah en Zijn Boodschapper te gehoorzamen, omdat zich daarin hun geluk en redding bevindt. وَأَطِيعُواْ اللّهَ وَالرَّسُولَ لَعَلَّكُمْ تُرْحَمُونَ “En gehoorzaamt Allah en de Boodschapper, opdat jullie begenadigd worden.” (Aal-cImraan, 132)

Degene die ongehoorzaam is aan Allah en Zijn Boodschapper schaadt slechts zichzelf, hij zal Allah niet schaden. وَمَن يَعْصِ اللّهَ وَرَسُولَهُ وَيَتَعَدَّ حُدُودَهُ يُدْخِلْهُ نَاراً خَالِداً فِيهَا وَلَهُ عَذَابٌ مُّهِينٌ “En degene die Allah en Zijn Boodschapper ongehoorzaam is en Zijn bepalingen overtreedt, Hij (Allah) zal hem het Hellevuur binnenleiden. Zij zijn eeuwig levenden daarin. En voor hem is er een vernederende bestraffing.” (Annisaa’, 14)

Als Allah en Zijn Boodschapper (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) hebben geoordeeld in een zaak dan heeft niemand het recht om een keuze of bezwaar te maken. Echter dient men te gehoorzamen en in de Waarheid te geloven. وَمَا كَانَ لِمُؤْمِنٍ وَلَا مُؤْمِنَةٍ إِذَا قَضَى اللَّهُ وَرَسُولُهُ أَمْراً أَن يَكُونَ لَهُمُ الْخِيَرَةُ مِنْ أَمْرِهِمْ وَمَن يَعْصِ اللَّهَ وَرَسُولَهُ فَقَدْ ضَلَّ ضَلَالاً مُّبِيناً “En het past een gelovige man en een gelovige vrouw niet, wanneer Allah en Zijn Boodschapper een zaak hebben besloten, om een andere keuze te maken in hun zaak. En wie Allah en Zijn Boodschapper niet gehoorzaamt: waarlijk, hij verkeert in duidelijke dwaling.” (Al-Ahzaab, 36)

Het Geloof van een dienaar is niet vervolmaakt, totdat hij Allah en Zijn Boodschapper (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) liefheeft. En liefde impliceert gehoorzaamheid. En wie wil dat Allah van hem houdt en zijn zonden vergeeft, dient de Boodschapper te volgen. قُلْ إِن كُنتُمْ تُحِبُّونَ اللّهَ فَاتَّبِعُونِي يُحْبِبْكُمُ اللّهُ وَيَغْفِرْ لَكُمْ ذُنُوبَكُمْ وَاللّهُ غَفُورٌ رَّحِيمٌ “Zeg (o Mohammed): “Als jullie van Allah houden, volg mij dan: Allah zal van jullie houden en jullie zonden vergeven. En Allah is Vergevensgezind, Meest Barmhartig.” (Aal-cImraan, 31)

Het houden van de Boodschapper (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) is niet slechts het herhalen van woorden, maar het is een geloofsovertuiging en (gedrags)manier. Wat dus inhoudt: gehoorzaamheid in datgene wat hij bevolen heeft, geloven in datgene wat hij heeft verteld, het vermijden van wat hij verboden heeft en dat Allah alleen aanbeden wordt volgens de manier waarop hij voorgeschreven heeft.

Toen Allah deze godsdienst had vervolmaakt en de Boodschapper de boodschap van Zijn Heer had overgedragen, heeft Allah zijn ziel genomen. En de Boodschapper (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) heeft de gemeenschap duidelijke heldere bewijzen nagelaten. Haar nacht is net als haar dag.1 Niemand wijkt ervan af, behalve degene die vernietigd is. الْيَوْمَ يَئِسَ الَّذِينَ كَفَرُواْ مِن دِينِكُمْ فَلاَ تَخْشَوْهُمْ وَاخْشَوْنِ الْيَوْمَ أَكْمَلْتُ لَكُمْ دِينَكُمْ وَأَتْمَمْتُ عَلَيْكُمْ نِعْمَتِي وَرَضِيتُ لَكُمُ الإِسْلاَمَ دِيناً “Op deze dag wanhopen degenen die ongelovig zijn aan (de bestrijding van) jullie godsdienst. Vreest hen niet, maar vreest Mij. Vandaag heb Ik jullie godsdienst voor jullie vervolmaakt, en heb Ik Mijn gunst voor jullie volledig gemaakt en heb Ik de Islam voor jullie als godsdienst gekozen.” (Al-Maa’idah, 3)

De metgezellen (moge Allah behaagd met hen zijn) hebben, met de gunst van Allah, de overleveringen van de Boodschapper (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) bewaard. Vervolgens zijn na hen de vrome voorgangers gekomen en zij hebben het in boeken opgenomen die bekend staan als Sihaah, Sunan en Musnads. En het meest authentieke hiervan is Sahieh Al-Bukhaarie en Sahieh Muslim, de vier Sunan, de Musnad van Imaam Ahmed en de Muwatta’ van Imaam Maalik, enz.

Allah heeft deze godsdienst vervolmaakt en er is niet iets goeds of de Boodschapper (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) heeft de gemeenschap daarop gewezen. En wat hij aan slechtheid wist, daar heeft hij voor gewaarschuwd. Degene die in de godsdienst van Allah met iets van een innovatie of fabels – zoals het vragen van de doden en rond hun graven lopen, het vragen van de djinn en geliefden, en dergelijke zaken die Allah en Zijn Boodschapper niet voorgeschreven hebben – komt, dit wordt allen verworpen en niet geaccepteerd, zoals hij (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) gezegd heeft: من أحدث في أمرنا هذا ما ليس منه فهو رد “Wie iets toevoegt aan deze zaak van ons wat hiertoe niet behoort, het zal verworpen worden.” (Al-Bukhaarie en Muslim)

Sheich Mohammed ibn Ibrahiem At-Toewadjri, ‘Oesoel ad-Dien Al-Islaami’

  1. Dit geeft de duidelijkheid aan.